Reglementering

Nummerplaat voor alle nieuwe bromfietsen vanaf 1 april 2014

Bromfietsen die vanaf 1 april 2014 in België gekocht en in het verkeer gebracht worden, moeten voortaan ook worden ingeschreven en voorzien zijn van een kentekenplaat.

Deze nieuwe regel is van toepassing voor nieuwe inschrijvingen en voor voertuigen die al in het buitenland zijn ingeschreven maar nu ook in België worden ingeschreven.

De voertuigen die reeds voor 1 april 2014 in België in het verkeer gebracht zijn, moeten voorlopig nog niet aan deze inschrijvingsprocedure voldoen.

De regel is van toepassing op:

  • bromfietsen, klasse A en B, met 2 of 3 wielen met een cilinderinhoud van ten hoogste 50 cc, met een maximumsnelheid van ten hoogste 45 km/h (en > 18 km/h),
  • lichte vierwielers: voertuigen met een lege massa van ten hoogste 350 kg, met een maximumsnelheid van ten hoogste 45 km/h, en een cilinderinhoud van ten hoogste 50 cc of 4 KW. (bv. de vierwielers zonder rijbewijs, golfwagentjes).

De kentekenplaten voor bovenstaande voertuigen beginnen met de letter S, gevolgd door een scheidingsstreepje, gevolgd door een driedelige letterreeks, met daaronder een driedelige cijferreeks of omgekeerd, een driedelige cijferreeks met daaronder een driedelige letterreeks (cfr. formaat motorfietsen). Voor de bromfietsen klasse B begint de letterreeks met de letter B, voor de bromfietsen klasse A, begint de letterreeks met de letter A (zie foto).

Bij de kentekenplaten voor de lichte vierwielers, begint de letterreeks met de letter U. Voor deze vierwielers is er ook nog een tweede formaat mogelijk, namelijk dat de cijfer- en letterreeks naast elkaar staan (cfr. kentekenplaten auto's).

Naar boven

Ritsen verplicht vanaf 1 maart 2014

Vanaf 1 maart wordt het ritsen verplicht gemaakt bij sterk vertraagd verkeer op plaatsen waar één rijstrook ophoudt of op plaatsen waarbij het verder rijden op een rijstrook verhinderd wordt.

Deze verplichting is tweeledig. De bestuurders die op de rijstrook rijden waarop de andere bestuurders dienen in te voegen, zijn verplicht om beurtelings een bestuurder van de andere rijstrook te laten invoegen. Anderzijds zijn de bestuurders die dienen in te voegen, verplicht dit pas op het einde van de rijstrook te doen. Wordt het verder rijden zowel op de linker- als de rechterrijstrook verhinderd, dan dient men op de middelste rijstrook eerst voorrang te verlenen aan een bestuurder op de rechterrijstrook en vervolgens aan een bestuurder op de linkerrijstrook. Zowel de bestuurder die geen voorrang verleent, als de bestuurder die te vroeg invoegt, kan hiervoor een boete van 55 euro krijgen.

Door deze manier van ritsen verplicht te maken, beoogt de overheid echter ook een mentaliteitswijziging: bestuurders die op een ophoudende rijstrook rijden, en pas op het einde invoegen, worden immers vaak scheef bekeken terwijl dit juist de verkeersvlotheid ten goede komt. Met deze regel wil men dan ook iedereen aanmoedigen om op een dergelijke manier in te voegen.

Zowel de bestuurder die geen voorrang verleent, als de bestuurder die te vroeg invoegt, kan hiervoor een boete van 55 euro krijgen.

Naar boven

Kinderen in de wagen? Klik ze vast ... altijd!

Uit een enquête van het BIVV blijkt dat minstens 1 op de 2 kinderen niet op correcte wijze wordt vastgeklikt in de wagen, waarbij 1 op de 10 kinderen helemaal niet wordt vastgemaakt in de auto.

De voornaamste vormen van verkeerd gebruik zijn: een verkeerde bevestiging van het beveiligingssysteem aan de zetel van het voertuig, de speling van de riemen of de veiligheidsgordel en het slecht aanbrengen van de veiligheidsgordel (onder de arm of achter de rug van het kind of gebruik van de verkeerde gordelgesp).

De wetgeving betreffende het gebruik van kinderbeveiligingssystemen kan je terugvinden via www.bivv.be.

Lees ook deze extra tips die je best in acht neemt wanneer je je kind mee neemt in de wagen:

  • als je gebruik maakt van een reiswieg, plaats deze dan zo op de achterbank dat het kind met het hoofd naar het midden van de wagen ligt;
  • de reiswieg biedt minder bescherming dan het kinderzitje tegen de rijrichting in;
  • plaats het kind zo lang mogelijk in een kinderzitje tegen de rijrichting in (tenminste tot de leeftijd van 1 jaar);
  • als het hoofd boven de rand van het kinderzitje uitsteekt is dit niet meer geschikt en moet je een kinderzitje voor een hogere categorie gebruiken;
  • de veiligheidsgordel moet steeds goed aansluiten en mag niet gedraaid zijn;
  • ook de riempjes van het zitje moeten goed aansluiten (er mag ten hoogste 1 cm speling zijn), mogen niet gedraaid zijn en bij het vastmaken moet je een klik horen. Zoniet neemt de kans op verwondingen toe;
  • bij een kinderzitje in de rijrichting moeten de schouderriempjes, om doeltreffend te zijn, beginnen op schouderhoogte of iets lager. Het riempje tussen de beentjes moet zo kort mogelijk zijn omdat dit ervoor zorgt dat de heupriem niet naar de buik verschuift;
  • plaats je kind niet te vroeg op een verhogingskussen, om goed beschermd te zijn met een verhogingskussen, moet een kind minimum 1m10 zijn;
  • achterin is veiliger dan voorin;
  • een verhogingskussen met rugsteun en zijdelingse bescherming is comfortabeler;
  • de gordel nooit achter de rug of onder de arm schuiven;
  • laat je kind op het verhogingskussen plaats nemen tot het 1m50 is.

Naar boven

Op groepsuitstap met de fiets of te voet? Denk aan de wegcode!

Te voet of met de fiets zijn gezonde en goedkope manieren om er in groep eens op uit te trekken. Maar ook in groep moet je je als voetganger of fietser aan de wegcode houden. De wegcode bevat echter wel een aantal wetten die specifiek op groepen van toepassing zijn. We verduidelijken dit even.

Stoeten, processies en voetgangers in groep met een leider mogen op de rijbaan stappen, zij moeten dan rechts in hun rijrichting stappen.

Groepen van minimum vijf personen, met een leider, mogen ook de linkerkant van de rijbaan volgen indien zij achter elkaar stappen.

Verlichting

Tussen het vallen van de avond en het aanbreken van de dag of bij slechte zichtbaarheid overdag (als het niet meer mogelijk is duidelijk te zien tot op een afstand van 200 meter) moet de groep ook verlichting voorzien. Groepen die rechts lopen, dienen vooraan links een wit of geel licht te dragen en achteraan links een rood licht. Voor groepen die links lopen, is dit net omgekeerd en dient het rode licht rechts vooraan gedragen te worden en het wit of geel licht achteraan rechts. Naargelang de lengte van de groep dienen op de flanken één of meerdere witte of gele lichten gedragen worden die in alle richtingen zichtbaar zijn.

Verkeersregels

Verder moeten groepen voetgangers met of zonder leider zich aan dezelfde regels houden als individuele voetgangers. Andere weggebruikers mogen echter niet door een stoet, een processie of een groep voetgangers breken dus mogen groepen voetgangers, processies en stoeten in één keer de rijbaan oversteken wanneer zij op reglementaire wijze met oversteken aanvangen. Wanneer zij echter oversteken bij verkeerslichten dienen evenwel deze verkeerslichten gerespecteerd te worden. Wanneer groepen voetgangers zich laten begeleiden door een leider dan kan deze het verkeer stilleggen op kruispunten zonder verkeerslichten wanneer deze hierbij gebruik maakt van een schijf met de afbeelding van het verkeersbord C3.

En een groep fietsers?

In de wegcode worden fietsers pas als een groep beschouwd vanaf 15 personen. Dit betekent dat een groep fietsers van minder dan 15 personen , zich aan alle regels van de wegcode moet houden en geen gebruik kan maken van de regels die voorzien zijn voor groepen fietsers.

Verder wordt er in de wegcode nog een onderscheid gemaakt tussen groepen van 15 tot 50 fietsers en groepen van 50 tot 150 fietsers. Groepen van 15 tot 50 personen mogen zich laten begeleiden door tenminste 2 wegkapiteins en mogen begeleid worden door 1 of 2 voertuigen. Als de groep begeleid wordt door slechts één voertuig, dan dient dit voertuig de groep te volgen. Groepen van 51 tot 150 personen moeten begeleid worden door 2 wegkapiteins en moeten 2 begeleidende voertuigen voorzien. Ben je met een groep van meer dan 150 personen, dan is het beter van je op te splitsen in groepen van maximum 150 personen.

Zowel een groep van 15 tot 50 personen als groepen van 51 tot 150 personen zijn niet verplicht de fietspaden te volgen en mogen met 2 naast elkaar op de rijbaan rijden. Een voorwaarde hiervoor is wel dat zij gegroepeerd blijven. Op rijbanen die in rijstroken verdeeld zijn, mogen zij echter enkel de rechterrijstrook innemen. Op rijbanen die niet in rijstroken verdeeld zijn, mag men niet meer dan de helft van de rijbaan innemen.

De wegkapiteins die een groep begeleiden moeten minstens 21 jaar oud zijn, en moeten om de linkerarm een band dragen met de nationale driekleur en het woord wegkapitein. Zij waken over het goede verloop van de tocht en mogen op kruispunten zonder verkeerslichten het verkeer stilleggen om de groep te laten oversteken. Hiervoor moeten zij gebruik maken van een schijf met de afbeelding van het verkeersbord C3. De begeleidende voertuigen moeten de groep volgen of voorafgaan op 30 meter van de groep en moeten op het dak een blauw bord voeren met hierop het verkeersbord A51 en eronder in het wit het symbool van een fiets. Het bord van het voorafgaand voertuig moet goed zichtbaar zijn voor het tegemoetkomend verkeer, het bord op het achteropkomend voertuig moet uiteraard goed zichtbaar zijn voor het achteropkomend verkeer.

Naar boven

Korps

Beleid

Diensten

Extra

E-loket

Contact